Nieuwsbrief
Naam: E-mail:
Aanmelden voor nieuwsbrief

       Sponsoren
       Spotlight: Bospop 09
          Beth Hart  
       Commercial09

       Column Paul Sterk


Hart Rock Café
Zit de voorliefde voor bepaalde muziek soms in de genen? Of is het alleen al voldoende wanneer je een muzikaal genre met de paplepel krijgt ingegoten? Mijn eigen kinderen zijn wat dat betreft interessant studiemateriaal. Zonder onze zonen tekort te willen doen, hier een voorbeeld met hun oudere zus.
Lees meer >>

COLUMN: Smells like Dana




Haar reputatie was haar vooruitgesneld, maar dat was ook het enige wat ik van haar kende. Nog geen toonladder gehoord van La Fuchs, want dat ik hier met een echte rockdiva te maken had, daar kwam ik snel genoeg achter. Editie 2008. De tent, door de jaren heen mijn favoriete plek op Bospop. Dana kende haar klassieken, want ze kwam, zag en overwon, in de beste traditie van de oude Caesar zelf.
 
Ik snelde naar de kraampjes waar ze haar muziek verkochten, maar omdat ik vrijwel vooraan stond tijdens haar concert en na afloop bij de bar meteen iets aan mijn verstoorde vochtbalans moest doen, liep ik zo’n beetje als laatste de tent uit. Blijkbaar was ik niet de enige die direct iets van haar wilde kopen. Ram uitverkocht. Daar sta je dan, totaal overdonderd: Dana Fuchs als nieuwe liefde en zonder tastbaar aandenken.
Maar ik bleef ruimhartig, hoe meer fans Dana die middag had verworven des te beter, ik gunde het die meid echt. En één van die nieuwe fans kende ik al te goed, het was dochter M., onze eigen humorterrorist van 13 jaar, die onder vaders vleugels uitgevlogen was om met haar eigen gevolg Bospop aan te doen. Af en toe kwamen we elkaar terloops tegen, vooral als ze weer een lading bonnen nodig had en ze weet dat wanneer het er echt op aan komt ik mijn kleine zeemeermin niets weiger. Ze stond in dezelfde tent als ik bij Dana, alleen geen benul waar precies.
 
Ergens, later op de dag, vertelde M. dat ze lang en gezellig met Dana had gepraat, dat ze een vette handtekening met opdracht had gekregen en dat een toegewijde vriendin met haar mobieltje een foto van haar met Dana had gemaakt. Blijkbaar had ik iets gemist… En inderdaad, het stond er echt, geschreven met een dikke blauwe stift:
To M.
Love,
Dana Fuchs
 
De liefde van Dana bleef gelukkig in de familie, een hele troost.
Toen M. haar foto met Dana wilde laten zien op het bewuste mobieltje, bleek dat haar vriendin (“oepsie! wat ben ik toch blond!”) deze foto onbedoeld gewist had. Maar zij kon niet weten dat de herinnering daaraan veel mooier was dan de kwaliteit van die verloren foto. En niemand van ons verkeerde op dat moment in de vrolijke wetenschap dat Dana inmiddels van het terrein werd vervoerd in een, zeker voor Bospop-begrippen, smetteloos en haast steriel voertuig, waardiger dan de pausmobiel, dat backstage met stralende perfectie was gereinigd door een heuse carwash-babe in een spannende bikini, die eigenhandig over het talent beschikte om elke autowasserette brodeloos te maken, het type dat helaas nooit bij mij aan de deur aanbelt voor een heitje-voor-een-karweitje. Dit soort nuttige informatie werd de doorsnee-bezoeker uit veiligheidsredenen onthouden, want de organisatie was terecht bang dat alle mannelijke autobezitters zich als lemmingen op dit reinigende fenomeen zouden storten. Maar hoezeer dit autowaswonder ook haar best deed, ze kreeg het vervolgens niet meer voor elkaar om de heilige geur van Dana uit het voertuig te verdrijven. De mannen van ZZ Top hebben het geweten en die zijn heel wat gewend als het gaat om de goddelijke en soms desastreuze combinatie van Vrouwen & Auto’s. In extase stonden zij op het podium, na een kort ritje in hetzelfde voertuig waar Dana die dag in had vertoefd.
 
Een paar maanden later zouden dochter M. en ik opnieuw naar Dana gaan. Een zondag in november in de tot de nok gevulde Bosuil. Vol overgave zong de zaal Songbird met haar mee, net als op Bospop. De lange haren van Dana dansten wild alsof ze een bezweringsformule moesten afsmeken. Haar zweet en spuug parelden door de ruimte, om traag en verneveld op ons neer te dwarrelen. Ik inhaleerde het met de overgave die je alleen aantreft bij proefpatiënten die het ultieme astmamedicijn uittesten. Terwijl de laatste damp en klanken van Helter Skelter ternauwernood verwaaid waren, werd ik aangesproken door een vriendelijke man die vroeg: “Ga jij over twee weken net zo iets spetterends doen als Dana?” want dan zou de presentatie van mijn rocknovel Via sterren en zeemeerminnen in de Bosuil plaatsvinden. (In mijn hoofd hoorde ik Dana mij nog sardonisch toezingen: you may be a lover, but you ain’t no dancer. Alsof ik dat zelf niet wist.) Ik lachte dus uitbundig om de onmogelijkheid van zijn vraag. Hoe dan ook, we waren het samen snel eens dat dit een fantastisch concert was geweest. M. keek met een stille blik: wat weet die vent eigenlijk van mijn vader, want ze wist niet wie de man die mij aansprak was. Blijkbaar behoorde hij tot die kleine groep van inwoners van Weert die zelfs zij niet kende, want onze dochter heeft naar eigen zeggen meer vrienden dan er letters en leestekens in dit stukje staan.
 
“Hier moet jij iets mee, dit concert mag niet verloren gaan“ sprak hij vervolgens bemoedigend, “hier moet jij iets over schrijven!” Dit was geen verzoek, dat was een heilige plicht. Gewoontegetrouw zei ik meteen ja, maar ik had toen nog geen flauw idee wat ik er mee zou doen.
Twee zondagen later stond ik zelf met veel plezier op het podium in De Bosuil. Vol trots had het personeel me uit de doeken gedaan wat voor geweldig ventilatiesysteem ze hadden om de lucht in de zaal te filteren. Ik heb maar niet verteld dat de geur van Dana er toch al die tijd was blijven hangen, want ik rook haar nog steeds.


Paul Sterk

Zowel gedurende de voorbereidingen maar ook tijdens het Bospop festival zelf schrijft
Paul Sterk columns voor de Bospop site. Paul is tevens de schrijven van de rock ‘n’ roll roadnovel: Via sterren en zeemeerminnen. Lees alle Bospop columns van Paul Sterk.